Vincent van Gogh reisde naar Zuid-Frankrijk om een nieuwe kunstenaarskolonie te stichten. In de eenzame eerste maanden ontmoette hij postbeambte Joseph Roulin. Snel ontwikkelde zich een diepe vriendschap, die resulteerde in een serie portretten van de familie Roulin. Joseph Roulin was er voor Van Gogh in goede en in slechte tijden.
In februari 1988 kwam Vincent van Gogh aan in Arles. Hij was de drukte van Parijs ontvlucht en wilde in het Zuiden van Frankrijk een kunstenaarskolonie stichten met andere post-impressonistische kunstenaars. Van Gogh hoopte dat zijn kunstenaarsvrienden Emile Bernard, Paul Gauguin en Georges Laval naar Arles zouden reizen om samen met hen te schilderijen. Hij schreef ze daarom uitgebreide brieven, waarin hij ze vroeg om te komen.


Joseph Roulin
Het postkantoor was daarom een belangrijke plek in Van Goghs leven, want het was zijn contact met de buitenwereld. Bij de posterijen op het station van Arles, ontmoette hij de postbeambte Jospeh Roulin. Van Gogh en Roulin hielden allebei van een borrel en raakte in korte tijd goed bevriend. Roulin was een echte republikein. De Franse schrijver Pierre Michon schreef over zelf een boek over hem (het Leven van Joseph Roulin, uitgeverij Oorschot).
Van Gogh vond Joseph Roulin bereid om voor hem model te zitten. Hij was gefascineerd door zijn Dostojevski-achtige kop met woeste baard. Aan zijn broer Theo schreef hij: ‘Ik heb zojuist een portret van een postbode gemaakt, of liever zelfs twee portretten. Een socratisch type, niettemin socratisch omdat hij enigszins verslaafd is aan drank en daardoor een hoge kleur heeft. Zijn vrouw had net een kind gekregen en de man straalde van voldoening.’ Het gaat waarschijnlijk om de twee schilderijen met de blauwe achtergrond (zie onder).





Armand en Camille Roulin
Van Gogh leerde in de volgende maanden het gezin van de postbeambte steeds beter kennen. In december van 1888 kreeg hij daardoor de mogelijkheid om alle vijf de gezinsleden te portretteren. Hij schreef Theo: “Ik heb portretten gemaakt van een heel gezin, dat van de postbode wiens hoofd ik eerder had gemaakt – de man, zijn vrouw, de baby, de jongen en de zoon van zestien, allemaal echte karakters en heel Frans, hoewel ze lijken op Russen.”
Van Gogh was blij weer portretten te kunnen schilderen. In zijn Brabantse tijd had hij veel karakterkoppen van boeren geschilderd, maar in Frankrijk was het moeilijker geweest om modellen te vinden. Zijn schilderijen uit Parijs waren daardoor voornamelijk landschappen. In Arles echter schilderde hij weer meerdere portretten. De vijf portretten van de familie Roulin uit December 1888 kenmerken zich door felgekleurde achtergronden: Geel voor postbeamte Joseph Roulin, knalgroen voor zoon Armand Roulin en rood voor Camille Roulin. De pasgeboren Marcelle schilderde hij in de handen van haar moeder Augustine voor een gele achtergrond.






Gauguin
Uiteindelijk maakte Van Gogh meerdere schilderijen van ieder gezinslid. Waarschijnlijk wilde Van Gogh als dank voor het modelzitten een schilderij van ieder persoon cadeau doen aan de familie. De andere kopieën hield hij zelf om te verkopen, of om andere mensen te interesseren om een portret bij hem te bestellen. Maar tot een carrière als portretschilder zou het nooit komen.
In het najaar van 1888 was Gauguin aangekomen in Arles. Hij was als enige kunstenaar ingegaan op de brieven van Vincent van Gogh. Mede door de financiële inspanningen van Vincent’s broer Theo was Gauguin naar Zuid-Frankrijk gereisd. Van Gogh had speciaal voor de komst van Gauguin zijn hele huis versierd met schilderijen van zonnebloemen. Gauguin en Van Gogh schilderden negen weken lang samen in de omgeving van Arles, totdat ze ruzie kregen op de dag voor kerstmis. Vincent van Gogh raakte helemaal van slag en in een vlaag van emoties sneed hij zijn eigen oor af. Gauguin besloot hierop abrupt te vertrekken. Van Gogh en Gauguin zouden elkaar na dit incident nooit meer zien.
Na het incident waarschuwde Joseph Vincents broer Theo, die halsoverkop met de trein vanuit Parijs kwam. Hij bezocht Van Gogh in het ziekenhuis. Ook Joseph Roulin bezocht Van Gogh vaak. Hij was Vincents steun en toeverlaat in Arles, tijdens Van Goghs herstel na de zenuwinzinking. Ondanks dat de mannen elkaar dus maar enkele maanden kenden, was Roulin een echte vriend.





Berceuse
Vlak voor het incident met Gauguin was Van Gogh begonnen aan een nieuw schilderij van Augustine Roulin. Van Gogh schilderde haar voor een rijkversierd behang in fel rood en groene kleuren. Hij volgde zo de kleurentheorie van Chevreul, die stelde dat tegengestelde kleuren elkaar versterkten. Hij noemde het schilder “La Berceuse” of de vrouw in de schommelstoel. Van Gogh stelde zich een triptiek voor waarin het schilderij van La Berceuse tussen twee schilderijen van zonnebloemen zou hangen.
Na zijn herstel in januari 1889 maakte Van Gogh zijn schilderij van La Berceuse af en maakte hij vier kopiëen. Postbeambte Joseph Roulin was ondertussen van Arles overgeplaatst naar Marseille, maar bezocht zijn familie in Arles regelmatig. Waarschijnlijk maakte Van Gogh tijdens zo’n bezoek de twee portretten van Roulin met het groene bloemenbehang op de achtergrond (zie boven). Het rijkversierde behang is geïnspireerd door de Japanse prentkunst.





Saint Remy
Hoewel Van Gogh weer veel schilderde, bleef zijn mentale gezondheid slecht. In maart 1989 werd hij opnieuw opgenomen in het ziekenhuis van Arles, na klachten van 30 buurtgenoten. Uiteindelijk liet Van Gogh zich in mei 1889 opnemen in het geestesziekenhuis in Saint-Rémy-de-Provence. In briefwisselingen hield hij contact met Joseph Roulin. De vriendschap van Roulin en Van Gogh bleef zo bestaan.
Tegenwoordig herinneren we de familie Roulin vooral dankzij de schilderijen van Van Gogh. In 2025 is de serie het onderwerp van een tentoonstelling, die georganiseerd wordt door de Museum of Fine Arts in Boston en het Van Gogh Museum in Amsterdam. Even zullen de familieportretten dan worden herenigd.

19e eeuwse kunst
Lees ook onze andere artikelen over het impressionisme en andere 19e eeuwse kunststromingen:







