H’Art Museum in Amsterdam heeft de Matisse-collectie van het Centre Pompidou te gast. De tentoonstelling Chez Matisse presenteert Matisse als genie die het modernisme bepaalde. Maar is dat wel terecht?
In 1905 brak Henri Matisse door met schilderijen vol felle kleuren en grove penseelstreken. Niet eerder hadden bezoekers zulke ‘wilde’ schilderijen gezien. De vormen waren simpel en de verf leek rechtstreeks uit de tube op het doek te zijn geveegd. Kleur was voor Matisse de kern van zijn werk In 1908 schreef hij: “de belangrijkste rol van kleur is om mijn expressie zo goed mogelijk te vangen”. Sindsdien zijn felle kleuren niet meer weg te denken uit de kunstgeschiedenis.

Felle kleuren in de schilderijen van Matisse
Wegens verbouwing is het Centre Pompidou gesloten tot 2030. Hierdoor hangen topstukken uit het museum nu tijdelijk in H’Art Museum. De eerste zalen laten zien hoe Matisse experimenteerde met kleur. Luxe, calme et volupté toont zeven baadsters in groen, paars en blauw op een felrood strand. Matisse schilderde het bij een bezoek aan Paul Signac in Saint Tropez. De invloed van Signac is goed te zien aan de puntjes waaruit het schilderij is opgebouwd. Drie jaar later is dit pointillisme verdwenen. Luxe I uit 1907 toont dezelfde baadsters maar nu in simpele kleurvlakken.
Matisse werkte niet volgens een vast patroon. Hij vond kleurentheorieën beperkend en zocht naar balans tussen kleuren op gevoel. Zijn zoektocht is goed zichtbaar in “Intérieur, bocal de poissons rouges”, dat hij schilderde in de Eerste Wereldoorlog. Met zorgvuldig aangebrachte details in oranje brengt hij het voornamelijk blauwe schilderij tot leven. Eenzelfde balans is te zien in het portret van Greta Prozor waarin hij geel en grijs gebruikt om licht en schaduw vast te leggen.


Alfred Barr en het beeld van Matisse
In 1951 organiseerde het Museum of Modern Art een grote overzichtstentoonstelling van Matisse. De curator en voormalig directeur, Alfred H. Barr Jr., presenteerde Matisse nadrukkelijk als pionier van het modernisme. “Frankrijk heeft Matisse aan de wereld gegeven of, men zou bijna kunnen zeggen, de wereld heeft Matisse van Frankrijk afgenomen”, schreef hij in de catalogus. In zijn beroemde diagram uit 1936 staat het fauvisme van Matisse daarom samen met het kubisme van Picasso aan de basis van de moderne kunst.
Dit beeld past bij een opvatting die teruggaat op de Duitse filosoof Immanuel Kant. In Kritiek van het oordeelsvermogen stelt hij dat “het genie het talent (de natuurlijke gave) is dat aan de kunst de regel geeft”. Voor Kant is de kunstenaar een uitzonderlijk persoon die originele werken creëert, in plaats van gevestigde regels te volgen. Zo zag Barr Matisse ook. De felgekleurde schilderijen waren voor hem de eerste stap naar abstractie.


Alfred H. Barr Jr. – Schema van ontstaan abstracte kunst
Chez Matisse in H’Art Museum
H’Art Museum lijkt dit beeld van Matisse te omarmen. In Chez Matisse hangt zijn werk naast tijdgenoten en navolgers. Zo is er een schilderij met drie naakten te zien van de Duitse expressionist Max Pechstein, die net als Matisse met felle kleuren werkte. Maar waar Matisse harmonie zocht, wilde Pechstein juist dat kleuren schuurden. De Duitse expressionisten zagen zichzelf daarom zeker niet als directe navolgers van Matisse.
Ook wordt Matisse gepresenteerd als geestelijk vader van het abstract expressionisme van Mark Rothko. Barr zou dat waarschijnlijk hebben beaamd, maar er valt veel op af te dingen. Natuurlijk kenden en bewonderden de Amerikaanse abstracte kunstenaars het werk van Henri Matisse, maar het is twijfelachtig of hij bepalend was voor hun stijl. Ellsworth Kelly zag Matisse zelfs als een tegenpool. Kelly noemde Matisses kunst “erg persoonlijk en figuratief” en wilde zelf “hoe dan ook onpersoonlijk” zijn. Toch wordt Kelly’s “Yellow Red Curve” in H’Art Museum nu gepresenteerd als een direct gevolg van de vernieuwingen van Matisse.
Matisse als genie neerzetten, gaat bovendien voorbij aan de invloed die anderen op hem hadden. In 1904 en 1905 ontwikkelde hij samen met Maurice de Vlaminck en André Derain het fauvisme, maar hun rol blijft in de tentoonstelling onderbelicht. Een andere voorbeeld is de wandtekst waarin de schoonheid van kleuren wordt vergeleken met “de klankkleuren van muziek”. Het is een quote van Matisse uit 1945, maar de vergelijking tussen kleur en muziek was toen al lang gemeengoed. Kandinsky werkte haar in Über das Geistige in der Kunst (1912) uitgebreid uit.


Bestaat de genie wel?
Lange tijd stond in de kunstgeschiedenis de unieke kunstenaar centraal, en dat was meestal een witte man. Van Gogh, Picasso en Dalí kregen allemaal een plek op hetzelfde voetstuk als Matisse. Vrouwen en kunstenaars uit andere culturen kregen vaak weinig erkenning voor hun bijdrage. De laatste jaren wordt dat beeld steeds vaker ter discussie gesteld, maar in H’Art Museum is daar weinig van te merken. Dat blijkt ook uit wat de tentoonstelling weglaat. Matisse zag Islamitische kunst in München, reisde naar Marokko en bezat Afrikaanse beeldhouwwerken. Zulke invloeden komen in Chez Matisse nauwelijks aan bod, terwijl ze iets zeggen over hoe zijn kleuren en vlakke vormen ontstonden.
De schilderijen uit het Centre Pompidou zijn de moeite waard en trekken waarschijnlijk veel bezoekers. Maar het verhaal eromheen lijkt sterk op dat van Barr in 1951. H’Art Museum geeft Matisse daarmee meer eer dan hem toekomt.

Praktische informatie
🏛️ H’Art Museum
Amstel 51
Amsterdam
Website
🎟️ Prijzen
Volwassen – € 29,50
Kinderen (t/m 17) – Gratis
Museumkaart – € 7,00
🗓️ 3 oktober 2026 t/m 14 februari 2027
Dagelijks 10h00-17h00
Meer recente tentoonstellingen:
Lees ook onze andere artikelen over recente tentoonstellingen:










