Een allegorie op de vijf zintuigen was in de 17e eeuw een ideaal excuus om een stel dronkenlappen te schilderen. De grappige tronies van drinkende, rokende en zingende mannen waren populair bij de klanten. Rond 1650 vernieuwde Michaelina Wautier het genre met een serie spottende portretjes van kinderen.
Aartshertog Albrecht VII van Habsburg bestuurde rond 1600 de Zuidelijke Nederlanden. Waarschijnlijk was hij de opdrachtgever van een serie schilderijen over de vijf zintuigen. Hij bestelde de werken bij de beroemdste kunstenaars van het land: Jan Brueghel de Oude en Peter Paul Rubens. Brueghel schilderde de landschappen. Rubens plaatste later de figuren in het werk. De allegorische schilderijen zijn vooral bedoeld als eerbetoon aan de aartshertog. De weelderige schilderijen benadrukken zijn rijkdom, zijn vroomheid en culturele interesses.





Vijf zintuigen
In de schilderijenserie spelen Venus en Cupido de hoofdrol. Rubens schilderde Cupido, die Venus een schilderij laat zien over Jezus en de genezing van de blinde, in het schilderij over zicht. Het landschap en de schilderijen op de achtergrond zijn van de hand van Jan Brueghel. In het werk over het gehoor speelt Venus de lier. Ze zit in een Italiaanse tuinzaal met verschillende muziekinstrumenten om zich heen. In de allegorie van de geur zit Venus in een bloemenlandschap. Tussen de welriekende bloemen zitten dieren met een goed reukvermogen, zoals een hond en vogels.
Het werk over tast is geplaatst in de werkplaats van een wapensmid. Geen ruimte voor een tedere aanraking in dit schilderij, Rubens associeerde tast met geweld. Al laat de kus van Venus en Cupido zien, dat aanraking ook een belangrijke rol speelt in het liefdesspel. De smaak is een jachttafereel, waarin Venus aan een lange tafel vol etenswaren zit. Cupido heeft plaatsgemaakt voor een sater, die haar rijkelijk voorziet van wijn. Rubens en Brueghel lieten in de schilderijen dus de veelzijdige kwaliteiten van de aartshertog zien: van militaire aanvoerder, tot kunstliefhebber, van jager tot muziekliefhebber.





Tronies
In de tijd dat Rubens en Brueghel hun eerbetoon voor de aartshertog schilderden was Noord-Nederland in opstand. De protestantse Nederlanders waren op zoek naar religieuze vrijheid en hadden zich afgescheiden van de Spanjaarden. Door het wegvallen van de katholieke kerk en het Spaanse hof als opdrachtgevers moesten Nederlandse kunstenaars daarom op zoek naar nieuwe klanten. Ze richtten hun kunstwerken daarom op de rijke burgerij, die wel hield van een geintje.
Jan Miense Molenaer en David Teniers zagen in de vijf zintuigen een uitgelezen mogelijkheid om tronies van dronkelappen te schilderen. Hun schilderijen van lachende en lallende mannen in een herberg waren gericht op de nieuw burgerij. Zingen en spelen op instrumenten als een luit of een doedelzak (gehoor), een versierpoging met een bloemetje (reuk) of een oude moeder die een pleister plakt na een vechtpartij (tast). De taferelen zijn allemaal even humoristisch en waren daardoor erg populair. Het is bekend dat Molenaer meerdere series met dezelfde taferelen maakte, die waarschijnlijk voor de vrije verkoop bedoeld waren. In tegenstelling tot Rubens en Brueghel, werkte hij dus niet in opdracht.





Michaelina Wautier
Michaelina Wautier bouwt verder op de aanpak van Jan Miense Molenaer en David Teniers. Net als hen kiest ze voor losse portretjes, maar ze geeft er haar eigen draai aan. Ze vervangt de dronkenlappen door kinderen. Ze had vijf verschillende jongetjes als model voor de schilderijen. Simpele voorwerpen, als een bril, een fluit of een rot ei, geven aan welk zintuig ze uitbeelden. Tast is weergegeven door een jongen die aan zijn hoofd krabt. De tak op de tafel doet vermoeden, dat hij hiermee net een klap heeft gehad.
Wautier heeft duidelijk nagedacht over de volgorde waarin de schilderijen moeten worden opgehangen. Het jongetje met het rotte ei is het enige dat ons recht aankijkt. Hij hangt in het midden. De andere jongetjes zijn steeds een beetje verder naar links of rechts gedraaid. Het gezicht van de jongen met het stuk brood is bijna een zij-aanzicht en moet dus het meest rechts hangen. Ook in de kleuren zocht Wautier harmonie. Een blauw-achtige achtergrond aan de buitenkant en bruin in het midden.





Navolgers
Een paar jaar na de schilderijen van Michaelina Wautier maakte Michiel Sweerts ook een serie van de vijf zintuigen. Sweerts was net teruggekomen na reis door Italië en vestigde zich in Brussel. Hij richtte hier een schildersacademie op, waar mogelijk ook Michaelina Wautier heeft gewerkt. Haar stijl heeft veel verwantschap met Sweerts. Waarschijnlijk heeft Sweerts de vijf zintuigen van Wautier daarom gekend, voordat hij aan zijn eigen serie begon. Sweerts nam het kinderthema van Wautier over.
In tegenstelling tot de speelse kinderen van Wautier, hebben de schilderijen van Sweerts iets melancholisch. Alsof het portretjes zijn van overleden kinderen. Ook de voorwerpen, kaarsen en fruit, zou je kunnen zien als een Vanitas-symbool. Kindersterfte was in de 17e eeuw een groot probleem. Maar of de kinderen van Sweerts ook zo bedoeld waren? Dat zullen we nooit weten…



Meer artikelen lezen?
Lees ook onze andere artikelen over kunstwerken die gemaakt werden in serie:







