Hollandse Interieurs in Rijksmuseum maakten indruk op Joan Miró

Joan Miró - Hollands interieur

Bij een bezoek aan het Rijksmuseum zag de Spaanse surrealist Joan Miró de Hollandse interieurs van Jan Steen en Hendrick Sorgh. De werken inspireerden hem tot een serie schilderijen waarin de Nederlandse huiskamers nog nauwelijks herkenbaar zijn.

In het voorjaar van 1928 werd Joan Miró door Jean Arp uitgenodigd om de opening van zijn nieuwe tentoonstelling in Brussel bij te wonen. Miró besloot om vanuit de Belgische hoofdstad door te reizen naar Nederland om de werken van de oude meesters te besturen in het Mauritshuis en het Rijksmuseum. Miró kwam met een pak kaarten met afbeeldingen van de schilderijen terug naar zijn woonplaats Parijs.

Hollandse Interieurs

Niet de Nachtwacht of het Meisje met de parel, maar vooral de Hollandse interieurs hadden indruk gemaakt. De typische genreschilderijen van Jan Steen, Pieter de Hooch en tijdgenoten inspireerden Miró om zelf aan de slag te gaan. In een interview zei hij: “Toen ik terugkwam in Parijs, besloot ik om sommige Nederlandse schilderijen te kopiëren in mijn eigen stijl”. Miró ging als eerst aan de slag met de Luitspeler van Hendrik Sorgh, die hij in het Rijksmuseum had gezien.

Weken werkte Miró aan het bepalen van de compositie. In zijn schetsen is te zien hoe Miró experimenteerde met de vormen van de luitspeler. In sommige schetsen hebben de speler en de luit dezelfde vorm. Andere schetsen zijn ronduit erotisch, de luit is dan vervangen door een fallus. Uiteindelijk kiest Miró voor een ontwerp waarin hij de witte kraag van de luitspeler en het witte tafellaken samenvoegt. Op deze laatste schets tekende hij vierkantjes om het ontwerp gemakkelijk over te nemen op het doek.

Dieren

Het schilderij van Miró is een feest van details. De hond op de voorgrond, de vissen in de gracht en de papegaai aan het plafond. Miró benadrukt de speelsheid van het schilderij door de toevoeging van dieren. De vrouw is nauwelijks nog herkenbaar, rechts op het schilderij in blauw en rode kleuren. Ze heeft een dierenkop gekregen en lijkt net zo opgekruld te liggen als de kat op voorgrond.

Miró gebruikt in zijn schilderij vrijwel uitsluitend pure kleuren, direct uit de tube. Felgroen, blauw, oranje en geel, Miró mengt de kleuren niet, ook niet op het doek zelf. De verf moet daarom goed gedroogd zijn voordat hij een nieuwe laag met kleur kan aanbrengen. Miró werkte waarschijnlijk zo’n half jaar aan het schilderij voordat hij tevreden was.

Meer Hollandse Interieurs

Naast het werk van Sorgh, werkte Miró ook twee schilderijen van Jan Steen uit in zijn eigen stijl. In de Dansles van Steen zien we kinderen die een kat laten dansen op tafel. De fluit in het schilderij is in Miró’s werk alleen nog een simpele kegel. Van de kinderen zijn alleen nog gezichten te zien, verstopt in en achter een groot blauw vlak. De kat is juist veel groter geworden als een grote witte vlek, die vrijwel het hele schilderij inneemt. Alleen aan de kop is nog te herkennen dat dit de kat moet verbeelden.

Dezelfde soort verstoringen zien we in het derde Hollandse interieur, dat Miró losjes op het Toilet baseerde. In het schilderij van Steen maakt een meisje zich klaar voor de nacht. Ze trekt net haar kousen uit, waardoor we een intieme blik onder haar rok krijgen. Maar in schilderij van Miró is deze erotische lading verdwenen. Het lichaam van de vrouw is grotendeels verdwenen, om plaats te maken voor een enorme rode sok. In dit schilderij werkt Miró vrijwel alleen in primaire kleuren: rood, geel en blauw, aangevuld met wit en zwart.

Aardappels en lampen

Over dit derde Hollandse interieur van Miró bestaat veel discussie. Zo betwisten sommige kunsthistorici of het schilderij daadwerkelijk op Steens Toilet gebaseerd is. Mogelijk diende een ander Nederlands interieur als voorbeeld. Miró omschreef het schilderij zelf als ‘een vrouw die een geit baart’. In dat geval zou de grote rode vlek bloed zijn dat tijdens bevalling verloren raakt. Maar er is geen Nederlands interieur waarin een vrouw en een geit de hoofdrol spelen. Hierdoor blijft de precieze inspiratiebron onduidelijk.

Naast de Hollandse interieurs schilderde Miró ook twee stillevens: “Aardappel” en “Stilleven met een lamp”. Deze schilderijen zijn niet letterlijk gebaseerd zijn op een Nederlands schilderij. Maar Miró maakte de schilderijen wel gelijktijdig met de interieurs na zijn reis naar Nederland. De thematiek van de schilderijen lijkt daarom geïnspireerd door de stillevens van Pieter Claesz en tijdgenoten.

Aardappel

Vooral het schilderij met de titel “aardappel” is een mysterieus tafereel. De aardappel lijkt afgebeeld in het witte hoofd van de belangrijkste figuur in het schilderij. Misschien is het wel in vogelverschrikker, die aan een (rode) paal hangt op een aardappelakker. De achtergrond zien we de blauw lucht waarin wonderbaarlijke wezen vliegen. Een soort slangachtig bruin wezen, een vrouw met vlindervleugels . Het is een fantasierijke wereld waarin alles mogelijk is.

In de Hollandse interieurs van Joan Miró is te zien dat het surrealisme een belangrijke inspiratiebron was voor de abstracte kunst. Miró bouwt zijn schilderij op uit felgekleurde geometrische vormen. In de abstracte vormen zijn nog steeds dieren en mensen te herkennen. Pas in latere werken in Miró’s loopbaan verdwijnen de figuren definitief om plaats te maken voor pure abstractie.

Geef een reactie

Scroll naar boven

Ontdek meer van KunstVensters

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder