Reizen door de Renaissance

Waarom kennen we zo weinig vrouwelijke kunstenaars uit de Renaissance?

Jarenlang werd het vrouwelijke kunstenaars onmogelijk gemaakt om zich te ontwikkelen. Ze mochten niet lid worden van de gilden en kregen nauwelijks opleiding. Toch wisten enkele vrouwen zich op te werken tot hofschilder. Welke vrouwelijke kunstenaars baanden de paden voor latere generaties?

Op het eind van Middeleeuwen organiseerden beroepsgroepen zich in gilden. Alleen erkende vaklieden werden tot een gilde toegelaten. Binnen deze ambachtsgroep kon kennis en ervaring worden uitgewisseld en op de kwaliteit van de producten worden toegezien. Maar binnen de gilden was er nauwelijks ruimte voor vrouwen. In veel Italiaanse kunstenaarsgilden mochten vrouwen niet lid worden en hierdoor waren er rond 1500 bijna geen vrouwelijke kunstenaars meer actief.

Het was voor vrouwen in de Renaissance vrijwel onmogelijk om kunstschilder te worden. Een kunstenaar moest getraind worden in de klassieken en in wetenschap. De opleiding van vrouwen was gericht op het huishouden en het moederschap en hierbij was er geen ruimte voor dit soort zaken. Veel kunstenaars schilderden naar naaktmodellen of bezochten openbare ontledingen om de humane anatomie te bestuderen. Het was uitgesloten dat hier vrouwen bij aanwezig waren.

Kunstenaarsfamilies
Het is daarom niet verwonderlijk dat veel van de vrouwelijke kunstenaars uit de Renaissance dochters waren van kunstschilders. Ze kregen hun training in het atelier van hun vader. Binnen de vertrouwde omgeving van de familie was er meer ruimte voor intellectuele ontwikkeling. In Vlaanderen konden Levina Teerlinc en Catharina van Hemessen zo toch opgeleid worden tot kunstschilder.

Het talent van de vrouwen werd opgemerkt en Levina Teerlinc werd zelfs naar Londen gehaald om in dienst van de Tudor koningen portretten te schilderen. Ook Catharina van Hemessen vond een koninklijke positie bij Maria van Oostenrijk, die landvoogdes van de Nederlanden was. Ze volgde haar zelfs naar Spanje, waar haar broer Karel V koning was.

Vrouwelijke Renaissance kunstenaars

Portretkunst
Ook in Italië kwam er in de 16e eeuw meer ruimte voor vrouwelijke kunstschilders. In Florence trok de Medici familie de macht naar zich toe en kwam er steeds minder zeggenschap voor de gilden. Belangrijke families en machthebbers namen zelf kunstenaars in dienst. Het werd voor kunstenaars daardoor belangrijker om zich bij de rijken in de kijker te spelen.

De vrouwelijke Renaissance kunstenaars specialiseerden zich vooral in de portretkunst. Ondanks hun verbeterde positie was het nog steeds onbetamelijk om naakten te schilderen. Hierdoor was de mythologische en historieschilderkunst voor hen uitgesloten. Lavinia Fontana, eveneens opgeleid door haar vader, was de eerste belangrijke vrouwelijke kunstschilder van Italië. Haar portretten waren zeer gewild en ze verdiende het geld voor haar hele familie.

Sofonisba Anguissola
Rond dezelfde tijd begon ook Sofonisba Anguissola aan haar carrière. Ze groeide op in een rijk gezin en haar vader vond opleiding en kunst belangrijk. Op 14 jarige leeftijd kon ze daarom in de leer bij kunstschilder Bernardino Campi. Later trok ze naar Rome en kwam ze in contact met Michelangelo. Ze stuurde hem een tekening van een lachend meisje. Hij was onder de indruk en daagde haar uit om een ​​huilende jongen te tekenen, omdat dit een moeilijker onderwerp was. Ze volgde zijn advies en stuurde hem het resultaat (zie bovenstaande tekeningen).

Haar carrière nam ondertussen een vlucht. In 1558 werd ze zelfs uitgenodigd door koning Filips II om aan het Spaanse hof te komen werken als kunstschilder en lerares van de koningin. In deze functie maakte ze portretten van vrijwel de gehele koninklijke familie. Zonder uit een kunstenaarsfamilie te komen had Anguissola zich opgewerkt tot hofschilder. Ze opende hiermee deuren voor generaties vrouwen na haar.

Reizen door de Renaissance

3 reacties op “Waarom kennen we zo weinig vrouwelijke kunstenaars uit de Renaissance?

  1. In elk bovenstaand schilderij kijkt de hoofdpersoon de schilder aan, waardoor wordt benadrukt dat de geportretteerde poseert en niet aan het schaken of aan het musiceren is. Is hier een reden voor? Ging het misschien vooral om een portret?
    (Het meisje met wie geschaakt wordt, maakt wel een erg modern gebaar: ‘hallo, hier zit ik..’ en daar geniet het andere kind zichtbaar van)

  2. Een verhaal dat nog heel vaak verteld moet gaan worden! In mijn eigen blog TOOS&ART besteed ik er ook af en toe aandacht aan. Toevallig net nog vorige week.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.

%d bloggers liken dit: