De fresco’s in Assisi vertellen het verhaal van Sint Franciscus

Sint Franciscus

Maar weinig heiligenlevens zijn zo uitgebreid in beeld gebracht als het leven van Sint Franciscus. In de Bovenkerk van Assisi schilderde Giotto 28 fresco’s over zijn leven, van zijn jeugd in Assisi tot zijn stigmata op de berg La Verna. Achthonderd jaar na zijn dood bezoeken jaarlijks miljoenen mensen de kerk.

Sommige heiligen moeten er honderden jaren op wachten, maar Sint Franciscus werd al twee jaar na zijn dood heilig verklaard. In 1228 begon men daarom met de bouw van een kathedraal in zijn geboorteplaats Assisi. Vijfentwintig jaar later was het gebouw af. Franciscus had een bijzonder leven geleid, waarin hij een kloosterorde stichtte, vrede sloot met een sultan en bovennatuurlijke wonderen onderging. Vandaag is het precies 800 jaar geleden dat Franciscus van Assisi overleed.

Cimabue – Maestà

Basiliek van Sint Franciscus in Assisi

De beste kunstenaars van de 13e eeuw werden ingehuurd om de basiliek ter ere van Sint Franciscus te verfraaien. De Florentijnse kunstenaar Cimabue schilderde een Maestà in de byzantijnse kunsttraditie. Op dit fresco van Maria op een troon (Maestà is Italiaans voor majesteit) heeft ze Jezus op schoot en is omgeven door heiligen. Rechts staat Sint Franciscus afgebeeld in zijn kenmerkende bruine habijt. Waarschijnlijk is dit fresco een van de weinige kunstwerken die daadwerkelijk gemodelleerd zijn op het uiterlijk van Franciscus.

Uit Siena kwam Pietro Lorenzetti naar Assisi voor een reeks van zes fresco’s over het leven van Jezus. Lorenzetti schilderde in het linker transept van de Benedenkerk onder andere de intocht in Jeruzalem, het Laatste Avondmaal en de Judaskus. De reeks werd geflankeerd door een groep van zes fresco’s over het leven van Maria in het rechter transept. Tot op de dag van vandaag is er discussie over de makers van deze fresco’s. Lange tijd werden ze toegeschreven aan Giotto, maar tegenwoordig zijn er steeds meer kunsthistorici die suggereren dat het een leerling moet zijn geweest.

Giotto

Het hoogtepunt van de basiliek van Sint Franciscus in Assisi bevindt zich in de bovenkerk. Giotto en zijn werkplaats, al is ook deze toeschrijving nog onderwerp van discussie, schilderden hier 28 fresco’s over het leven van Sint Franciscus. De werken zijn uitgevoerd in helder blauw en behoren tot een van de hoogtepunten van de vroege Renaissance-kunst. Niet eerder was er zo’n grote frescoreeks aan een heilige gewijd. Tot op dat moment was dit alleen voorbehouden aan Jezus of Maria.

Giotto baseerde zijn frescocyclus op de Legenda Maior van Bonaventura uit 1263, die destijds diende als de officiële biografie van Franciscus. Het boek beschrijft zijn leven chronologisch, van bekering tot dood, en benadrukt zijn deugden en wonderen als voorbeeld voor gelovigen.

het Leven van Sint Franciscus

De cyclus opent met de Hulde van de eenvoudige man. Een omstander spreidt zijn mantel op straat uit voor de jonge Franciscus. Het is een eerbetoon. Giotto plaatst de figuren voor een sober stadsgezicht van Assisi, dat herkenbaar is aan de tempel van Minerva. De buigende man en de rechtopstaande Franciscus vormen samen een diagonaal die de blik direct naar de hoofdpersoon leidt. In Franciscus schenkt zijn mantel aan een arme herhaalt Giotto dit principe.

De droom van het paleis toont Franciscus liggend onder een baldakijn. Ernaast staat een fantasiepaleis vol wapenrustingen met een kruis erop. Het paleis is geen decor maar verbeeldt de inhoud van de droom zelf. Het Wonder van het kruisbeeld speelt zich af in het kleine, half ingestorte kerkje van San Damiano. Christus sprak hier tot Franciscus: “Ga mijn kerk herstellen, zie je niet dat het een puinhoop is?” Vanaf dit moment zou Franciscus zijn leven wijden aan het geloof.

Kloosterorde

Een volgend blok scènes toont hoe de kerkelijke macht de nieuwe kloosterorde van Sint Franciscus erkent. Giotto experimenteert hier met architectuur. In De droom van Innocentius III ondersteunt Franciscus met zijn schouder de scheefzakkende Lateraanse basiliek. Het ruimtelijke vogelperspectief is een vroeg voorbeeld van dieptewerking in de kunst. De slapende paus ligt eronder, in een aparte, kleinere nis. De Bevestiging van de regel toont een symmetrische rij geknielde broeders tegenover de gezeten paus. Door de herhaling van figuren en gebaren ligt de nadruk op de collectieve kloostergelofte, niet op het individuele portret.

Het Visioen van de vurige wagen en het Visioen van de tronen spelen zich beide ’s nachts af. Giotto zoekt hier naar manieren om het bovennatuurlijke te tonen binnen een verder aardse schilderstijl. Dat doet hij door het visioen weer te geven in de lucht. De broeders kijken verwonderd omhoog. Franciscus’ reis naar het Midden-Oosten tijdens de Vijfde Kruistocht is te zien in Franciscus voor de sultan. Franciscus daagde sultan al-Malik al-Kamil uit om samen met diens geleerden door het vuur te lopen om te zien om God hem zou beschermen. Hij probeerde zo de waarheid van het christelijk geloof te bewijzen. Volgens de overlevering deinsden de moslimgeleerden terug, terwijl Franciscus onaangedaan bleef staan. Op het fresco zit sultan al-Malik al-Kamil rechts op zijn troon, omringd door geleerden. Twee van hen keren zich met een afwerend gebaar van het vuur af.

Kruistochten

De instelling van de kerststal in Greccio is een van de drukkere scènes in de cyclus. Franciscus knielt bij de kribbe voor een altaar. Geestelijken en gelovigen scharen zich in een halve cirkel om het tafereel. Volgens deze legende liet Franciscus met toestemming van de paus een levende kerststal opzetten, met een voederbak, hooi, een os en een ezel. Tijdens de preek bij de kribbe verschijnt een wonderbaarlijk levend kindje in zijn armen. Het verhaal geldt als oorsprong van de kersttraditie van de kerststal.

In de Preek voor de vogels buigt Franciscus zich voorover naar een groep vogels aan de voet van een boom. De vogels blijven roerloos luisteren tot hij hen zegent en wegstuurt. Het verhaal staat symbool voor Franciscus’ opvatting dat de hele schepping, mens én dier, deel uitmaakt van Gods orde. Deze twee dierenverhalen zijn de reden dat dierendag wereldwijd op de naamdag van Sint Franciscus wordt gevierd.

In de Verschijning te Arles predikt Sint Antonius van Padua voor een groep broeders tijdens een kapittelvergadering in de Franse stad Arles. Terwijl hij spreekt, verschijnt Franciscus zelf boven de deur, met uitgestrekte armen, zichtbaar voor een van de aanwezige broeders. Antonius van Padua was een van de eerste en belangrijkste volgelingen van Franciscus, bekend als begaafd prediker en later zelf heilig verklaard. Het fresco toont hem niet als hoofdpersoon, maar als getuige van een wonder van zijn leermeester.

Stigmata

Het hoogtepunt van de cyclus is de Stigmatisatie op de berg La Verna. Een gekruisigde engel verschijnt hoog in de lucht. Dunne, gouden lijnen lopen van hem naar de handen, voeten en zij van de knielende Franciscus. Giotto verbindt hemel en aarde met die lijnen tot één beeld. De diagonaal snijdt door het bovenste deel van de compositie en maakt de overdracht van de wonden bijna letterlijk zichtbaar.

In De dood en hemelvaart ligt Franciscus op een baar. Broeders staan eromheen, elk met een eigen gezichtsuitdrukking van verdriet. Rechtsboven, in een kleiner beeldvlak, dragen engelen zijn ziel weg. Bisschop Guido ziet datzelfde tafereel op dat moment in een droom. Dit is te zien in het volgende fresco. Giotto lost die gelijktijdigheid niet met een tijdlijn op, maar door beide gebeurtenissen naast elkaar te plaatsen.

Heiligverklaring

Op de Verificatie van de stigmata buigt ridder Jeronimus zich over het lichaam en betast met zijn vinger de wond in Franciscus’ zij. Het tafereel doet denken aan voorstellingen van de ongelovige Thomas. Clara van Assisi was een tijdgenote en volgelinge van Franciscus. Ze stichtte in 1212 met zijn steun de Orde van de Arme Vrouwen, later de Clarissen genoemd, de vrouwelijke tegenhanger van de Franciscanen. In Franciscus beweend door Clara treurt Sint Clara om Franciscus.

Het fresco toont de zusters van San Damiano rond zijn lichaam. Clara houdt het gezicht van de overledene vast. Het is een intieme, naar beneden gerichte scène, die afsteekt tegen de meer hiërarchische composities elders in de cyclus. De reeks sluit af met de Heiligverklaring van Sint Franciscus, waarin paus Gregorius IX Franciscus in 1228 heilig verklaart.

Giotto of toch niet?

Assisi werd na de heiligverklaring van Franciscus in 1228 een van de belangrijkste pelgrimsoorden van Italië. De fresco’s in de bovenkerk dienden als beeldverhaal voor bezoekers die het Latijn van de Legenda Maior niet konden lezen. Wie de kerk binnenkwam, kon het leven van de heilige aflopen zonder een woord tekst nodig te hebben.

Giorgio Vasari noemde Giotto in zijn Levens van de grootste schilders de kunstenaar die de Italiaanse schilderkunst uit haar byzantijnse stijfheid bevrijdde, en de Assisi-fresco’s golden lange tijd als het bewijsstuk daarvoor. Sinds 1912 staat die toeschrijving ter discussie. Volgens sommige kunsthistorici hebben navolgers van Giotto de fresco’s geschilderd. Maar voor veel gelovigen maakt dit niets uit. Zij genieten bij een bezoek aan Assisi van de fresco’s over zijn leven.

Meer artikelen lezen?

Lees ook onze andere artikelen over heiligen:

Geef een reactie

Scroll naar boven

Ontdek meer van KunstVensters

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder