Charles Le Brun was de belangrijkste hofschilder van Lodewijk XIV. In 1661 kreeg hij de opdracht een monumentale cyclus over het leven Alexander de Grote te schilderen. De cyclus was een gigantisch succes en diende als decoratie van barokke paleizen in heel Europa. Niet als schilderijen, maar als wandtapijten!
Koning Lodewijk XIV had zich in de zomer van 1661 teruggetrokken op het kasteel van Fontainebleau. Na de dood van regent Mazarin kreeg hij de troon op 23-jarige leeftijd zelf in handen. In de hoop van afleiding te krijgen van het hofleven, nodigde hij de kunstschilder Charles Le Brun uit een schilderij te maken over het leven van Alexander de Grote. De jonge zonnekoning zag in de Griekse krijgsheer een inspiratiebron voor zijn eigen bewind. Le Brun kreeg een eigen atelier in het paleis en dagelijks kwam de koning de voortgang bekijken.

Charles Le Brun
Charles Le Brun was een talentvolle kunstenaar. Al op 11-jarige leeftijd kreeg hij lessen van Simon Vouet. Zijn eerste opdracht van de kardinaal van Richelieu ontving hij op zijn vijftiende. Maar het was een reis naar Rome, waar hij werkte met Nicolas Poussin, die zijn schilderstijl definitief veranderde. Le Brun genoot van het Italiaanse landschap en de klassieke bouwwerken. In Rome bestudeerde hij bovendien de Grieks-Romeinse mythologie, waaruit hij de rest van zijn schildercarrière zou putten.
Voor de opdracht van Lodewijk XIV koos Le Brun voor een verhaal waaruit de grootmoedigheid van Alexander de Grote bleek. Nadat hij de Persen had verslagen, bracht Alexander de Grote een bezoek aan de familie van koning Darius. Het was een eerbetoon aan de verslagen koning. De koningin en de prinsessen zagen de verkeerde man aan voor Alexander en bogen voor de andere man. Toen dit werd opgemerkt, viel Koningin Sysigambis (Darius’ moeder) aan de voeten van Alexander en smeekte om zijn vergiffenis. Alexander hielp haar overeind en zei dat excuses niet nodig waren. Le Brun impliceerde met de keuze dat koning Lodewijk XIV net zo genereus en galant was als Alexander de Grote.



Alexander de Grote
Het schilderij De Familie van Darius werd met groot enthousiasme ontvangen. De wijze waarop een historisch verhaal gebruikt om de huidige koning te vereren was een vernieuwing in de Franse kunst. In 1662 kreeg Le Brun daarom een contract om exclusief voor de koning te werken, in 1664 bekroond met de titel Premier Peintre du Roi. De nieuwe stijl van Le Brun, tegenwoordig Grand manière of Grand manner genoemd, zou het kenmerkend worden voor de regeerperiode van de Zonnekoning.
Als eerste opdracht van hofschilder was het maken van extra schilderijen over het leven van Alexander de Grote. Naast De Familie van Darius bestond de Alexander-cyclus uit vier schilderijen: De oversteek van de rivier de Granicus (1662-1665), De intocht van Alexander in Babylon (1662-1665), De slag bij Arbela (1665-1669) en De nederlaag van Porus (1665-1672).








Corresponderende details uit schilderijen over Alexander de Grote
Méthode pour apprendre à dessiner les passions
Om de heldhaftige veldslagen van Alexander de Grote goed te kunnen uitbeelden, was het essentieel om de emoties te vangen in gezichtsuitdrukkingen en lichaamshoudingen. Le Brun bestudeerde daarom de anatomie van het gezicht bij het uitbeelden van verschillende emoties zoals liefde, haat, vrees, woede en bewondering. Het resultaat publiceerde hij in 1698 in het boek Méthode pour apprendre à dessiner les passions. Le Brun beschrijft in het boek hoe kunstenaars verschillende gemoedstoestanden kunnen tekenen.
Deze systematische benadering van Le Brun is goed terug te zien in zijn Alexander-cyclus. Waarschijnlijk gebruikte hij personages uit de schilderijen als voorbeeld voor de illustraties, die hij maakte voor het boek. Zo heeft het gezicht van de centrale soldaat in De slag bij Arbela mogelijk model gestaan voor “verschrikking” en lijkt “aanbidding” gebaseerd op Koningin Sysigambis uit de familie van Darius. Le Bruns boek groeide uit tot een standaardwerk voor kunstenaarsopleidingen in Europa.




Gobelins
In 1662 kocht koning Lodewijk XIV de ververij van Philibert Gobelin en maakte hier de koninklijke weverij voor wandtapijten van. Charles Le Brun werd aangesteld als de eerste directeur van de Manufacture Royale des Gobelins. Hij was verantwoordelijk voor het ontwerp van de wandtapijten, die vervolgens werden geproduceerd door vaklieden in de weverij. Als eerste opdracht liet hij zijn serie van vijf monumentale Alexander-schilderijen omzetten tot wandtapijten. De enorme schilderijen van de veldslagen werden opgedeeld in drie afzonderlijke wandtapijten: een groot middenpaneel met twee vleugels. Eén complete serie bestond dus uit elf wandtapijten.
De serie was een enorm succes. Koning Lodewijk XIV liet de wandtapijten maar liefst acht keer uitvoeren: vier keer voor zijn verschillende paleizen en vier keer om cadeau te geven aan bevriende machthebbers. Maar daar bleef het niet bij. Ook de weverijen van Aubusson en Felletin kregen toegang tot de tapijtontwerpen van Le Brun. Samen produceerden ze waarschijnlijk meer dan 100 versies van de Alexander-cyclus. Om de snelheid van de productie te verhogen werden hierbij details vaak weggelaten en het ontwerp versimpeld.


Jan Frans van den Hecke (naar Charles Le Brun) – de Familie van Darius
Grande Manière
Niet alleen de tapijten droegen bij aan de bekendheid van de Alexander-cyclus. De schilderijen van Charles Le Brun werden ook omgezet in prenten, die over heel Europa verspreid werden. In Vlaanderen besloten daarom verschillende weverijen ook wandtapijten te maken van de Alexander-cyclus. Zij hadden geen toegang tot de ontwerpen van Le Brun, maar baseerden zich op de prenten. Hierdoor zijn een aantal van de wandtapijten van Belgische makelij gespiegeld ten opzichte van het oorspronkelijke schilderij.
Charles Le Brun bleef nog tientallen jaren werken voor koning Lodewijk XIV. Zijn verheven “grande manière” stijl siert daardoor de paleizen van de koning. In Versailles creëerde Le Brun plafondschilderingen in de beroemde Galerie des Glaces die de militaire overwinningen van de koning verheerlijkten. In de Galerie d’Apollon van het Louvre schilderde hij Apollo’s triomf over de duisternis, waarbij de zonnegod direct verwijst naar de Zonnekoning. Maar deze indrukwekkende schilderingen waren afgesloten van het publiek en alleen te zien voor gasten van de koning. Het is vooral te danken aan de prenten en de tapijten dat het werk van Charles Le Brun verspreid raakte over heel Europa. De Grande Manière zou nog eeuwenlang leidend blijven bij de decoratie van paleizen in heel Europa.


Barok
Lees ook andere artikelen over de barok:







