Pekelharing was een toneelfiguur, een dronken bedrieger. Jaarlijks waren in heel Nederland toneelstukken te zien met Pekelharing in de hoofdrol. Frans Hals schilderde Pekelharing meerdere keren. Zijn schilderijen waren een inspiratie voor Jan Steen en andere kunstenaars!
In 1616 werd Frans Hals lid van de rederijkerskamer ‘Wijngaertrancken’ in Haarlem. Wekelijks kwamen de leden bijeen voor discussies, opvoeringen en andere evenementen. Bij een dichtwedstrijd van de rederijkers leerde Hals waarschijnlijk Peter van der Mersch kennen, een grappenmaker van de Leidse rederijkerskamer ‘de Witte Acoleynen’. Hals schilderde hem met een bokking in de hand, een verwijzing naar het Oud-Nederlandse spreekwoord ‘iemand een bokking geven’ (betekenis: iemand een veeg uit de pan geven).


Frans Hals – Vastenavond
Carnavalstoneel
Vastenavond, nu beter bekend als Carnaval, was voor de rederijkers het hoogtepunt van het jaar. Tijdens het feest werd er veel gegeten en gedronken, als laatste pleziertje voorafgaand aan de vastentijd. In de zeventiende eeuw werden vaak theatervoorstellingen gegeven met Vastenavond. Hals schilderde in 1617 zo’n Vastenavond met twee hoofdfiguren uit deze toneelstukken: Hans Worst en Pekelharing.
In het midden van het doek staat een vrouw in een rijkversierde rode jurk. Waarschijnlijk een mannelijke toneelspeler met een pruik, want vrouwen speelden geen toneel. Hans Worst, een dommerik, staat rechts op de het doek met een rode muts waar een worst aan bungelt. Links staat Pekelharing in zwarte kleding met een ketting van gezouten vis en eieren. Pekelharing was vooral een dronkeman, die veel dorst had vanwege het zout op de haringen.


Pekelharing
Pekelharing was een vaste hoofdrolspeler in kluchten en komedies. Er zijn talloze Nederlandse en Engelse toneelstukken bekend waarin Pekelharing als dronken bedrieger zorgde voor een komische noot. Frans Hals maakte twee schilderijen van het karakter. De pekelharing van Frans Hals heeft een opvallend kostuum met rode en gele stoffen. Zijn gezicht lijkt geschminkt, om hem een donkere huidskleur te geven.
Alle klassieke verwijzingen naar pekelharing, zoals de vis, zijn in het schilderij verdwenen. In de Leipzig-versie drinkt hij zelfs niet meer. Het lijkt er daarom op dat Hals een bekende toneelspeler heeft nageschilderd. Lokale klanten zullen aan de kleding hebben herkend dat dit pekelharing was. Mogelijk speelde een mede-rederijker of een acteur uit een rondreizende gezelschap de rol in de lokale toneelstukken.



Jan Steen – het Bezoek van de Dokter & Doopfeest
Navolgers
De Haarlemse herbergier Hendrick van Abt was in de 17e eeuw de eigenaar van Hals’ schilderij van Pekelharing. Waarschijnlijk heeft het schilderij daar in de herberg gehangen, zodat veel tijdgenoten van Hals bekend waren met het schilderij. Ook kwamen er al snel gravures van het werk op de markt, dankzij Jonas Syderhoef.
Jan Steen gebruikte het schilderij van Frans Hals als achtergrond in twee van zijn eigen schilderijen: Doopfeest en het Bezoek van de Dokter. Steen benadrukt hiermee dat de ‘zieke’ vrouw de boel bedriegt. Ze is niet ziek, maar zwanger. Dirck Hals en Adriaen van de Venne gebruikten de Pekelharing van Frans Hals in hun werk, als personificatie van dwaasheid en plezier. Pekelharing veranderde zo van een bekend toneelfiguur in Haarlem tot een algemeen archetype van een zotte drinker.

Op dit moment zijn Pekelhaering (Leipzig versie) en het Portret van Pieter van der Mersch te zien in het Rijksmuseum, als onderdeel van de overzichtstentoonstelling van Frans Hals.
Meer artikelen lezen?
Lees meer over de Hollandse school
Lees ook onze andere artikelen waarin we bijzondere kunstwerken onder de loep nemen:

