Wie wint vandaag Parijs-Roubaix? De winnaar van de editie van 1912, Charles Crupelandt, zal niet snel vergeten worden. De Franse kunstenaar Jean Metzinger schilderde deze winnaar van de “Hel van het Noorden” op een kubistisch schilderij, waarin kunst en journalistiek samenkomen.
Op 7 april 1912 won Charles Crupelandt de 17e editie van de wielerklassieker Parijs-Roubaix. Na een race van 266 kilometer kwam hij als eerste aan op de beroemde Velodrome van Roubaix, maar al snel kreeg hij gezelschap van zes andere rijders. Toch wist hij de sprint op de finishlijn te winnen. In 1914 zou hij de wedstrijd nog een tweede keer winnen. De laatste kasseistrook voor de finish is daarom naar hem vernoemd: Espace Charles Crupelandt.


Jean Metzinger
Jean Metzinger was dol op wielerwedstrijden. Hij bezat zelf een fiets. Een duur bezit, want je had al snel meerdere maandsalarissen nodig om een rijwiel te kunnen betalen. Volgens de Italiaanse futurist Gino Severini deed Metzinger zelfs mee aan wedstrijden op de baan: “Hij reed met een elegantie en stijl, die zo kenmerkend was voor de jetset van de Parc des Princes [wielerbaan].” In zijn dagboek beschrijft Metzinger ook een weddenschap met kubistische kunstenaars Albert Gleizes en Jacques Villon, waarin hij 100 kilometer aan een stuk op de baan moest rijden om te winnen.
Het is daarom niet verrassend dat Metzinger meerdere schilderijen van wielrenners heeft gemaakt, waarvan “Op de wielerbaan” uit 1912 het beroemdst is. Op het doek staat Charles Crupelandt vlak nadat hij in Roubaix over de finish is gekomen. Op de boarding op de achtergrond is “PARIS-ROUB” te lezen, waardoor we zeker weten dat het om Parijs-Roubaix gaat. Metzinger knipte de tekst letterlijk uit de krant en plakte het in het schilderij, net als de reclame voor PNEUS banden. Het doek is dus een combinatie van een collage met een schilderij.



Jean Metzinger – Au Vélodrome (voorbereidende schets)
Op de wielerbaan
Jean Metzinger was in 1912 een van de pioniers van het kubisme. Hij stelde zijn werk tentoon bij de Salon des Independents en de kunsttentoonstelling van de Section d’Or. In het schilderij zijn daarom de typische kenmerken van het kubisme te vinden: meerdere perspectieven en vierkante vormen. Mogelijk gebruikte hij foto’s van wielrenners om de compositie te bepalen. Wielrenners werden in deze tijd vaak gefotografeerd in de studio, omdat foto’s tijdens de wedstrijd moeilijk scherp te krijgen waren met de beperkte apparatuur van 1900. Deze studiofoto’s tonen wielrenners in dezelfde houding als de fietser op het schilderij.
Metzinger heeft nog een vierde dimensie toegevoegd aan het schilderij: de tijd. Hij probeert hiermee de beweging van de wielrenner vast te leggen. Zo is het stuur van Crupelandt bijvoorbeeld twee keer te zien. De tijd-dimensie wordt nog benadrukt door zijn lichaam deels doorzichtig te maken: de tribune met publiek is door zijn hoofd te zien. Metzinger laat hiermee zien hoe snel zijn hoofd voor de tribune langsgaat: het ene moment zie je Crupelandt nog, het andere moment is hij alweer voorbij.


Umberto Boccioni – Dynamiek van een wielrenner
Natalja Gontsjarova – de Wielrenner
Tijdschriften en fietswedstrijden
De tekst in het schilderij is afkomstig van de krantenkop: “PARIS–ROUBAIX: 1er CRUPELANDT, sur LA FRANCAISE”. Waarschijnlijk schilderde Metzinger zijn schilderij dus in de dagen na de wedstrijd in 1912. Het is onbekend of Metzinger ook zelf bij de wedstrijd aanwezig was geweest. Het doek is zeker niet ter plekke geschilderd, want er zijn meerdere schetsen en studies bewaard gebleven. In zijn studio onderzocht Metzinger dus de beste compositie voor het schilderij.
De keuze om een krant op te nemen in een schilderij over een wielerwedstrijd is niet toevallig. Het waren namelijk kranten die de eerste wielerwedstrijden organiseerden om meer lezers te trekken. De eerste editie van Parijs-Roubaix werd in 1896 georganiseerd door de Franse sportkrant ‘Le Vélo’. De eerste prijs van 1000 francs was een ongekend bedrag voor deze tijd, zo’n 7 maanden salaris voor een mijnwerker. Le Vélo zou uiteindelijk in 1904 stoppen te bestaan doordat een concurrent veel meer succes had. Deze concurrent was l’Auto, die in 1903 was begonnen met de organisatie van de Tour de France.
Zelfs nu nog organiseert de Franse pers de wielerwedstrijden. De ASO, de organisatie achter Parijs-Roubaix en de Tour de France, is eigendom van het moederbedrijf van de Franse sportkrant l’Équipe. Vandaag zullen de wielrenners gaan uitmaken wie dit jaar de winnaar wordt van Parijs-Roubaix. Maar of die winnaar ook een schilderij moet verwachten? Waarschijnlijk niet….
Meer artikelen lezen?
Lees ook onze andere artikelen waarin we in detail kijken naar beroemde kunstwerken:






